"Praktisch, direct, uitgesproken, koppig, georganiseerd, bot en overtuigd van het eigen gelijk". Dit is hoe de Nederlander in het buitenland soms bekend staat. We noemen dit ook wel de Dutch Uncle . Hoe voorkomen we dat het tegen ons gaat werken in een internationale omgeving?
De Nederlander is gewend om zaken te benoemen en mensen direct aan te spreken. Vooral met buitenlanders werkt dit niet altijd. Directe feedback op een plan of gedrag wordt dan vooral ervaren als beledigend en bot. Overbodig te melden dat dit niet altijd leidt tot de beoogde doelen in een meeting, conference call of internationaal debat. Het debatinstituut traint veel mensen in Nederland maar ook in het buitenland. Wat kunnen we doen om de Dutch Uncle te vermijden?
Benevolum Parare
De oude Grieken hadden dit al begrepen en introduceerden de benevolum parare. Je zorgde in een toespraak of redevoering ervoor dat je de toehoorder in het begin retorisch zo bewerkte dat hij bereid zou zijn naar je te luisteren. Als we dit introduceren in de manier waarop we in 2010 met elkaar omgaan, kan het een wijze les zijn. Zorg ervoor dat je bij een introductie of aan het begin van een (internationale) meeting niet direct 'met de deur in huis valt' en probeer eerst aandacht te hebben voor de sfeer en de agenda. In veel landen waaronder Duitsland, Frankrijk en ook Turkije is een directe benadering vaak beledigend en contraproductief.
Hiërarchie
Denk ook na over de culturele verschillen tussen jou en je gesprekspartners. In veel Europese landen en vooral daarbuiten gelden andere hiërarchische verhoudingen dan wij in Nederland gewend zijn. Dit betekent dat het direct aanspreken van een meerdere of feedback geven aan een manager ten overstaan van zijn medewerkers ronduit bot kan overkomen. Beter is het dan om feedback indirect te brengen.
Taalgebruik
Denk ook aan je woordkeuze tijdens een vergadering of debat. In debatten tussen Belgische en Nederlandse kinderen zien we al verschil in woordkeuze en de manier van elkaar aanspreken. Waar Belgen vaak hoffelijk en beleefd blijven, geven de Nederlanders er de voorkeur aan om concreet te benoemen wat er mis is en hoe het probleem kan worden aangepakt. Als de jury bestaat uit Nederlanders kan dit wellicht werken maar bij een internationaal gezelschap verdien je waarschijnlijk niet de sympathie.
Kortom: in mondelinge communicatie doen we er goed aan om de Dutch Uncle te vermijden en te luisteren naar Cicero: pas vorm en inhoud aan de doelgroep aan zodat je boodschap passend is.


