1,4 miljoen TV-kijkers, een afgeladen Rijnhal en een dag vol emotie en politiek. Zo wordt het speciale formatiecongres van het CDA op 2 oktober herinnerd. Een historisch congres. Nog nooit eerder bezochten zo veel leden (4700) een partijcongres in Nederland en nog nooit volgden zoveel mensen een partijcongres op televisie. Zelden liepen de emoties ook zo hoog op. Reden genoeg voor een retorische en debattechnische analyse van de dag.
Het eerste dat opvalt was de gestructureerde en duidelijke wijze waarop het ochtendprogramma verliep. Iedere spreker vanuit de zaal kreeg 1 minuut spreektijd. Deze tijd liep voor iedereen zichtbaar mee in de zaal. De voorzitter legde bij aanvang goed uit waarom hiervoor gekozen was; op deze manier konden zoveel mogelijk mensen het woord voeren. Na acht sprekers was het steeds aan Jan Kees de Jager en Ank Bijleveld om, als onderhandelaars, te antwoorden. Ook zij deden dit kort en krachtig zonder teveel uit te weiden. Vooraf was veel gesproken over de tijdslimiet van één minuut maar gaandeweg werd duidelijk dat je in één minuut veel kunt vertellen zolang je je maar goed voorbereidt. En dat hadden de meeste sprekers gedaan. Hoewel niet iedereen aan het woord kwam, was het een bonte stoet aan sprekers die de revue passeerde. Ook de middag verliep tot de stemming gesmeerd. Na de speeches van partijvoorzitter Bleker en fractievoorzitter Verhagen die beiden redelijk bondig waren was het woord weer aan de zaal. In grote lijnen gold de spreektijd van één minuut weer maar bij prominente sprekers werd wat meer ruimte gegeven. Dit had het gevaar in zich dat het arbitrair werd wanneer de voorzitter sprekers afkapte maar over het algemeen verliep dit soepel en zonder wanklank. Er spraken meer tegenstander dan voorstanders maar dit was, terecht, niet geregisseerd door het partijbestuur. Een waar democratisch feest dus.
Chaotische stemming
Waar het faliekant misging, was de stemming. Binnen een paar minuten ontstond een redelijke chaos waarbij het congres niet duidelijk was waarover men stemde en hoe de stemprocedure was. Ook de voorzitter was hier het spoor bijster. Onvergeeflijk en onbegrijpelijk. Resoluties zijn vooraf bekend en over de behandelvolgorde kan geen misverstand bestaan. Die volgorde staat immers in het programma. Ook de stemmethode is op voorhand vastgesteld. Nu werden lopende het stemproces zowel de volgorde van de moties als de stemprocedure meerdere malen gewijzigd. Los van het feit dat dit ergerlijk is, is het schadelijk voor het vertrouwen van het congres in de procedure en de uitkomst. Terecht werden er dan ook protesten ingediend. Zowel de organisatie als de dagvoorzitter kunnen zich dit aanrekenen. Beter was geweest om de procedure goed toe te lichten voordat de zaal ging stemmen. Daarnaast zou een professionele dagvoorzitter waarschijnlijk niet dezelfde steken hebben laten vallen. Nu kreeg de Nederlander thuis een beeld van een amateuristische stemming, terwijl het onderwerp van de stemming zeer belangrijk was.
Interessant waren de retorische aspecten van deze dag. Feitelijk zijn er drie manieren waarop een spreker zijn publiek kan overtuigen; met argumenten (logos), met de vormgeving van deze argumenten (pathos) en met zijn persoonlijke overtuigingskracht (ethos). Al snel bleek dat het van de nieuwe argumenten niet moest komen. Al vooraf waren de posities duidelijk in kaart gebracht. Zowel voor- als tegenstanders namen afstand van het gedachtegoed van de PVV. Voor de tegenstanders was de consequentie hiervan dat samenwerken met de PVV ondenkbaar is en in strijd met de beginsels van de partij. Voor de voorstanders geldt dat zij er op vertrouwen dat het CDA gedachtegoed sterk genoeg is om tegenwicht te bieden tegen de PVV en dat er inhoudelijk een goed akkoord ligt waardoor er wel kan worden samengewerkt. Alle betogen cirkelden inhoudelijk rond deze kern. Hoewel diverse media het uit leggen als macht versus principes.
Pathos viert hoogtij
De retorische vondsten waarin de argumentatie gegoten werd, waren spetterend. Vooral de tegenstanders hadden wat dit betreft hun huiswerk goed gedaan. Zo stelde Ab Klink aan het congres de vraag wat Martin Luther King vandaag zou stemmen en vergeleek hij de speech van Kennedy in Berlijn in de jaren ’60 met de speech van Wilders vandaag in Berlijn. Een prachtig beeld. Een andere spreker stelde de vraag hoe je je huis kunt openstellen voor vreemdelingen wanneer je hospita ze continu beledigt. Ook de Tweede Wereldoorlog en de Bijbel kwamen meerdere malen langs waarbij één spreker zelf met een Bijbel en een Koran stond te zwaaien. Kortom allemaal retorische stijlmiddelen die werden ingezet om de inhoud zo aansprekend mogelijk over te brengen. Daarnaast waren de betogen vol gevoel en emotie; ongekend voor een Nederlands, en zeker voor een CDA congres!
Beide ‘kampen’ deden ook hun uiterste best om hun meest overtuigende pleitbezorgers het podium te geven. Gedurende de middag werd het geschut steeds zwaarder. Bij de voorstanders vielen Donner, Eurlings, Coşkun Çörüz en als laatste Gerd Leers op door hun bijdragen. De tegenstanders kwamen onder andere met Hirsch Ballin, Klink, Van Agt, Hannie van Leeuwen, Ferrier en Koppejan. Vanuit debatstrategie bezien pakten de voorstanders het niet slim aan. Vreemd dat Bleker en Verhagen direct na de lunch spraken. Beiden vervulden hun rol met verve maar vervolgens was er nog een paar uur te gaan en verloor het effect van hun betogen al snel aan kracht. Verstandiger was geweest als zij hun kruit nog wat langer droog hadden gehouden. Ook het emotionele en persoonlijke appèl van Camiel Eurlings kwam te vroeg. Hij ontving weliswaar een groots applaus maar ook dat verloor momentum. Aan de andere kant stelden de Kamerleden Ferrier en Koppejan in het tegenstanderskamp teleur. Zeker Ferrier hield een te lang en te abstract betoog dat het congres niet echt wist te beroeren. Dit duidt echter ook op goed nieuws. Als het partijbestuur had gewild, was dit makkelijk te regisseren. Hier is dus niet voor gekozen om maximale vrijheid te geven aan de voor- en tegenstanders om hun mening te geven.
Maar was dit wel een debat? Nee. Debatteren is reageren en dit waren betogen voor- en tegen zonder reacties onderling. Dus voor de zuiverheid is het goed om deze nuance aan te geven. Geen debat, wel discussie en tot slot een democratische uitslag: 68% stemt in en 32% verwerpt de regeringsdeelname met gedoogsteun.
Al met al was het congres een waar feest van de retorica. Was het niet mooi geweest wanneer er ook bij binnenkomst een stemming was geweest over het Regeerakkoord zodat het nettoresultaat van de dag gemeten had kunnen worden. Wij durven het in iedere geval aan om de tegenstanders als debatwinnaars aan te wijzen van deze historische dag. Ze hebben vaker het woord gevoerd, vaker inhoudelijk geprobeerd uit te leggen waarom het akkoord er niet moest komen en tot het laatst toe bleven ze zich mengen in de discussie. Met een eervolle vermelding voor Verhagen, Bleker en Eurlings voor getoonde pathos. Want zoals Winston Churchill ooit zei: `Before you can inspire with emotion, you must be swamped with it yourself. Before you can move their tears, your own must flow. To convince them, you must yourself believe`
Stemmen doe je zo!!! Tip naar aanleiding van het CDA-congres


